Wellington - Wanaka
Trip Start
Sep 16, 2010
1
54
61
Trip End
May 06, 2011
Where I stayed
Hallo,
het is dat ik of al wakker ben vaak, of dat ik er misschien wel goed tegen kan, maar ´s ochtends was het weer vroeg opstaan in Wellington. Ik moest namelijk de ferry hebben naar het zuid eiland, die om 8.25 de haven van de hoofdstad zou verlaten voor een drie uur durende trip naar Picton op het zuid eiland. De ferry vertrok op tijd en een goede anderhalf uur later vaarden we de Marlborough Sounds in, een groep fjorden waardoor de ferry wel moet varen om bij Picton uit te komen. Het was steenkoud op het deck van het schip, maar de plaatjes laten wel zien dat het de moeite waard was de kou te trotseren. Eenmaal in Picton aangekomen ben ik op de bus gesprongen naar Nelson. De volgende dag (waarom heb ik geen slaappoppetjes onder mijn kussen ofzo?) was het weer erg vroeg op. Een bus bracht me namelijk 's ochtends vroeg in de richting van het Abel Tasman National Park; het om haar gouden stranden, zeehonden en mooie wandelingen bekend staande nationale park, vernoemd naar de Nederlandse ontdekkingsreiziger Abel Tasman. Het nationale park, het kleinste maar drukst bezochtste nationale park van Nieuw Zeeland, is alleen te bereiken met een watertaxi. Er gaan namelijk geen wegen het park in. Het idee is een beetje a la Yasawa's in Fiji, de watertaxi stopt op verschillende stranden (dan wel langs dezelfde strook) vanwaaruit je kunt beginnen met wandelen. Dit was een prima watertaxi, de laatste ervaring die ik heb gehad met een watertaxi was iets minder positief. In Venetië (al een tijd geleden, maar goed) staat het woord watertaxi eigenlijk gelijk aan het woord criminelen. De waterbus is echter kosjer. Dus voor wie in de nabije toekomst nog naar Venetië gaat (al is dit vast geen nieuws), oppassen met watertaxi's...
Goed, de watertaxi waar ik 's ochtends instapte bracht me langs Split Apple Rock (een rots die door de ondergrondse activiteit in het park doormidden is gespleten als een appel) en een kolonie New Zealand Fur Seals, van dezelfde soort als op Kangaroo Island. Ze schijnen in dit park echter zo gewend te zijn aan mensen, of noem het heeeel nieuwsgierig (waar ken ik dit van?), dat ze zelfs achterop de kano's en boten die er in grote getale aanwezig zijn springen. Helaas waren ze deze keer niet al te nieuwsgierig en bleven ze ontzettend lui op de rotsen liggen. Vaak weten de zeehonden echter wel beter, de nieuwsgierigheid wordt namelijk bijna beloond. Zal wel zijn doordat de mensen op de boot een bepaald zwak voor ze hebben...
De watertaxi zette mij af op Tonga Bay, vanuit waar ik aan een 13 kilometer lange wandeling begon in de richting van Anchorage Bay. Deze mooie wandeling bracht me door een regenwoud en langs allerlei mooie, gouden stranden; een kleur die veroorzaakt wordt door de aanwezigheid van een grote hoeveelheid van een bepaalde stof in het zand, die reageert met zonnestralen en het een soort van gouden kleur meegeeft. Goed, de wandeling was mooi en gaf me niet eens de indruk in het meest bezochte nationale park van het land rond te lopen. Weer een heel ander stukje Nieuw Zeeland, een beetje een dure trip maar uiteindelijk wel interessant om te zien. De volgende morgen vertrok de bus in de richting van Westport aan de westkust van het zuid eiland. Onderweg zijn we gestopt bij het Nelson Lakes National Park, voor een paar mooie plaatjes aan het meer. Dit was de plek waar we tevens de kans kregen wat te eten. Ik had 2 boterhammen gesmeerd en dat is al niet zoveel, maar ik moest ze echt afschermen tegen de meest agressieve eenden die ik ooit heb gezien. Misschien komt het doordat ze zo vaak gevoerd worden en daardoor hun angst voor mensen hebben verloren, maar ze pikten het brood letterlijk uit je handen. Ze vielen mensen echt aan. Ik zag er echter de humor van in en het filmpje, veilig gemaakt vanaf bovenop een steen, is toch net een cartoon. Wat een idioten. Deze keer geen Donald Duck imitaties van mijn kant...
De rit naar Westport, nog zo'n zinloze stop, was erg mooi. Het landschap werd als maar spectaculairder en dramatischer. Het ging van heuvelachtig naar enorm spitse bergen. Het zuid eiland heeft haar vorm en landschap te danken aan gletsjers, waarvan er met 3000 nu nog maar een "kleine" hoeveelheid te vinden is. Deze hebben in een korte tijd een drastische invloed gehad op het landschap, met erg mooie natuurlijke creaties als gevolg. Na een overnachting Westport was het op naar de volgende zinloze stop, een of andere oude pub in the middle of nowhere. Gelukkig was de trip naar de stop nog erg mooi, met onderweg eerst een mooie wandeling bij Cape Foulwind, een ruig terrein vol met rotsen met zeehonden. Hierop volgend de Punakaiki Pancake Rocks, een groep sterk verweerde kalksteenrotsen die door enorme druk op de wisselende lagen gesteente (zeedieren en plantenresten en kalksteen) gelaagd zijn als gestapelde pannenkoeken. Een mooi gezicht. Jammer genoeg waren we er niet tijdens het hoge tij, want pas dan was de
kracht waarmee de Tasman Sea door een aantal blowholes (blaasgaten)
breekt, pas echt goed te zien geweest. Toch geeft het filmpje misschien
wel een beetje een indruk van de kracht van de zee. Het enige wat ik dacht, zonder teveel te weg te geven of te verklappen: "Typisch iets Nederlands, pannenkoekenhuizen..."
De nacht na de zinloze stop vervolgden we dan eindelijk onze weg in de richting van Franz Josef, een klein dorpje dat de bekendheid dankt aan de nabij gelegen Franz Josef Glacier; volgens sommigen de snelst bewegende gletsjer ter wereld (op sommige plekken meer dan 5 meter per dag!), liggend in het Westland National Park. De gletsjer is 12 kilometer lang en een van de weinige gletsjers in het land die door hevige sneeuwval aan de top nog groeit, ondanks het feit dat de voet van de gletsjer 10.000 jaar geleden nog tot de 19 kilometer verderop gelegen Tasman Sea reikte. De dag na aankomst in Franz Josef werd ik 's ochtends verwacht voor mijn guided glacier hike; een 8 uur durende trip (met 6 uur ijstijd) op de Franz Josef gletsjer, onder leiding van een gids. Zelf de gletsjer op is ook absoluut verboden en zeer gevaarlijk.
Deze trip begon in een regenwoud en 30 minuten later stond ik aan de voet van de gletsjer. Echt een enorm contrast uiteraard en ook wel een verrassing. Maar deze verrassing werd al snel genoeg weggegeven...
Het was ongelooflijk zeikweer, maar het maakte me niet veel uit, het was alleen jammer dat het uitzicht niet optimaal was. Toch klaarde het af en toe op en kon je de vallei inkijken. Het zicht naar boven, waar met mooi weer Mount Cook erg goed te zien is, blijf echter zeer beperkt. We waren ontzettend goed ingepakt, de prijs die ik betaald had was ook inclusief uitrusting in de vorm van schoenen (met speciale onderbinders toen we op het ijs aankwamen), muts en handschoenen en een heel dikke regenjas en -broek. Echt koud heb ik het niet gehad, al werd het na 8 uur wel aardig onprettig. Het eerste deel van de gletsjer is bedekt met stenen, de crampons of onderbinders werden pas ondergebonden toen we het stenen gedeelte achter ons lieten en we op het punt stonden het ijs te betreden. Het was even wennen om op ijs te lopen, het is onnatuurlijk op jezelf op een gewone manier voort te bewegen. Je gaat namelijk al snel anders lopen, maar met de crampons onder is dit absoluut niet nodig en het wende al snel op een gewone manier te lopen en te klimmen.
Het was een erg mooie en onwerkelijke trip, die me door ijstunnels, door nauwe gangen en spleten en over scheuren bracht. Daarnaast was het onder hoge druk ontstane blauwe ijs mooie en vreemd om te zien. Doordat het ontzettend nat was heb ik echter mijn camera niet meegenomen bepaalde tunnels in, dan had ik deze zeker weten op het oud vuil kunnen gooien. Maar goed, maar er maar een voorstelling van. Het enige, grote nadeel aan de trip was het lange wachten om de 5 minuten. Doordat de gletsjer zoveel en zo snel in beweging is, moeten de gidsen eerder uitgehakte paden of traptreden telkens weer opnieuw uithakken of bijschaven. Dit snap ik helemaal en is compleet voor onze eigen veiligheid, maar een aantal keer had ik ook het idee dat de gids (op een vlak stuk!) maar een beetje aan het hakken was om het hakken. Dat werd na 8 uur best vervelend, maar dit en het weer heeft de algemene indruk van de trip toch niet kunnen beïnvloeden, dat zo ook stom zijn. Eenmaal in het hostel aangekomen kon ik dus op een aparte trip terugkijken. Het weer had daarnaast ook wel een positieve invloed, telkens wanneer het weer enorm hard begon te regenen (de gletsjer kent meer dan 290 dagen met regen per jaar, dus geen wonder), ontstonden er overal op de rotsen watervallen. Ook mooi toch. Je kunt van alles plannen, maar als andere plannen (moeder aarde deze keer) voorgaan, dan moet je dat maar voor lief nemen hè...
De volgende dag ben ik naar Wanaka vertrokken. Helaas was het nog steeds ongelooflijk slecht weer, waardoor de weerspiegeling van Mount Cook in Lake Murchinson, een van de meeste bekende postcard pictures uit Nieuw Zeeland, niet helemaal uitkwam. Sterker nog, niks van te zien. Gelukkig was het nog even in de bus zitten en in de stromende, hozende regen heb ik me ingecheckt in mijn hostel in Wanaka. Het slechte weer werd weer door een activiteit opgevangen. Wanaka is namelijk wereldberoemd in Nieuw Zeeland (...) om haar Paradiso Cinema; een alternatieve en traditionele bioscoop met 1 zaal, die in plaats van op stoelen haar gasten op sofa's plaats laat plaatsnemen. Er staat daarnaast een auto in de zaal, dus 4 gasten hadden een soort van drive-in ervaring. De bios kent ook nog een pauze halverwege, maar deze is niet zomaar. De reden is dat de vers gebakken koekjes en brownies, door gasten voor de film besteld, dan namelijk klaar zijn. Ik had deze bios als tip gekregen en het was echt een grappig ding. De tweede tip, het versgebakken chocoladekoekje, waarvan de lucht de zaal inkwam zetten toen de deuren halverwege werden opengegooid, was zoals ik me al had laten vertellen ook erg lekker. Een goede invulling van een regenachtige avond. De film die draaide, The Fighter, was daarnaast ook nog eens interessant en goed. Ik houd niet echt van boksen, maar ik kan iedereen wel aanraden de film te gaan kijken. Als je dan maar niet de bios uitloopt en het over de film hebt en begint met het dreigement: "nu vertellen, anders ga ik je slaan..."
De laatste dag in Wanaka was het erg mooi weer. Na een wasbeurt ben ik maar even gaan lopen langs het erg mooi gelegen Lake Wanaka. Hier heb ik een oude hobby, scheren met steentjes, weer opgepakt. Niet dus, maar het maakt wel een leuke foto.
Groetjes!
het is dat ik of al wakker ben vaak, of dat ik er misschien wel goed tegen kan, maar ´s ochtends was het weer vroeg opstaan in Wellington. Ik moest namelijk de ferry hebben naar het zuid eiland, die om 8.25 de haven van de hoofdstad zou verlaten voor een drie uur durende trip naar Picton op het zuid eiland. De ferry vertrok op tijd en een goede anderhalf uur later vaarden we de Marlborough Sounds in, een groep fjorden waardoor de ferry wel moet varen om bij Picton uit te komen. Het was steenkoud op het deck van het schip, maar de plaatjes laten wel zien dat het de moeite waard was de kou te trotseren. Eenmaal in Picton aangekomen ben ik op de bus gesprongen naar Nelson. De volgende dag (waarom heb ik geen slaappoppetjes onder mijn kussen ofzo?) was het weer erg vroeg op. Een bus bracht me namelijk 's ochtends vroeg in de richting van het Abel Tasman National Park; het om haar gouden stranden, zeehonden en mooie wandelingen bekend staande nationale park, vernoemd naar de Nederlandse ontdekkingsreiziger Abel Tasman. Het nationale park, het kleinste maar drukst bezochtste nationale park van Nieuw Zeeland, is alleen te bereiken met een watertaxi. Er gaan namelijk geen wegen het park in. Het idee is een beetje a la Yasawa's in Fiji, de watertaxi stopt op verschillende stranden (dan wel langs dezelfde strook) vanwaaruit je kunt beginnen met wandelen. Dit was een prima watertaxi, de laatste ervaring die ik heb gehad met een watertaxi was iets minder positief. In Venetië (al een tijd geleden, maar goed) staat het woord watertaxi eigenlijk gelijk aan het woord criminelen. De waterbus is echter kosjer. Dus voor wie in de nabije toekomst nog naar Venetië gaat (al is dit vast geen nieuws), oppassen met watertaxi's...
Goed, de watertaxi waar ik 's ochtends instapte bracht me langs Split Apple Rock (een rots die door de ondergrondse activiteit in het park doormidden is gespleten als een appel) en een kolonie New Zealand Fur Seals, van dezelfde soort als op Kangaroo Island. Ze schijnen in dit park echter zo gewend te zijn aan mensen, of noem het heeeel nieuwsgierig (waar ken ik dit van?), dat ze zelfs achterop de kano's en boten die er in grote getale aanwezig zijn springen. Helaas waren ze deze keer niet al te nieuwsgierig en bleven ze ontzettend lui op de rotsen liggen. Vaak weten de zeehonden echter wel beter, de nieuwsgierigheid wordt namelijk bijna beloond. Zal wel zijn doordat de mensen op de boot een bepaald zwak voor ze hebben...
De watertaxi zette mij af op Tonga Bay, vanuit waar ik aan een 13 kilometer lange wandeling begon in de richting van Anchorage Bay. Deze mooie wandeling bracht me door een regenwoud en langs allerlei mooie, gouden stranden; een kleur die veroorzaakt wordt door de aanwezigheid van een grote hoeveelheid van een bepaalde stof in het zand, die reageert met zonnestralen en het een soort van gouden kleur meegeeft. Goed, de wandeling was mooi en gaf me niet eens de indruk in het meest bezochte nationale park van het land rond te lopen. Weer een heel ander stukje Nieuw Zeeland, een beetje een dure trip maar uiteindelijk wel interessant om te zien. De volgende morgen vertrok de bus in de richting van Westport aan de westkust van het zuid eiland. Onderweg zijn we gestopt bij het Nelson Lakes National Park, voor een paar mooie plaatjes aan het meer. Dit was de plek waar we tevens de kans kregen wat te eten. Ik had 2 boterhammen gesmeerd en dat is al niet zoveel, maar ik moest ze echt afschermen tegen de meest agressieve eenden die ik ooit heb gezien. Misschien komt het doordat ze zo vaak gevoerd worden en daardoor hun angst voor mensen hebben verloren, maar ze pikten het brood letterlijk uit je handen. Ze vielen mensen echt aan. Ik zag er echter de humor van in en het filmpje, veilig gemaakt vanaf bovenop een steen, is toch net een cartoon. Wat een idioten. Deze keer geen Donald Duck imitaties van mijn kant...
De rit naar Westport, nog zo'n zinloze stop, was erg mooi. Het landschap werd als maar spectaculairder en dramatischer. Het ging van heuvelachtig naar enorm spitse bergen. Het zuid eiland heeft haar vorm en landschap te danken aan gletsjers, waarvan er met 3000 nu nog maar een "kleine" hoeveelheid te vinden is. Deze hebben in een korte tijd een drastische invloed gehad op het landschap, met erg mooie natuurlijke creaties als gevolg. Na een overnachting Westport was het op naar de volgende zinloze stop, een of andere oude pub in the middle of nowhere. Gelukkig was de trip naar de stop nog erg mooi, met onderweg eerst een mooie wandeling bij Cape Foulwind, een ruig terrein vol met rotsen met zeehonden. Hierop volgend de Punakaiki Pancake Rocks, een groep sterk verweerde kalksteenrotsen die door enorme druk op de wisselende lagen gesteente (zeedieren en plantenresten en kalksteen) gelaagd zijn als gestapelde pannenkoeken. Een mooi gezicht. Jammer genoeg waren we er niet tijdens het hoge tij, want pas dan was de
kracht waarmee de Tasman Sea door een aantal blowholes (blaasgaten)
breekt, pas echt goed te zien geweest. Toch geeft het filmpje misschien
wel een beetje een indruk van de kracht van de zee. Het enige wat ik dacht, zonder teveel te weg te geven of te verklappen: "Typisch iets Nederlands, pannenkoekenhuizen..."
De nacht na de zinloze stop vervolgden we dan eindelijk onze weg in de richting van Franz Josef, een klein dorpje dat de bekendheid dankt aan de nabij gelegen Franz Josef Glacier; volgens sommigen de snelst bewegende gletsjer ter wereld (op sommige plekken meer dan 5 meter per dag!), liggend in het Westland National Park. De gletsjer is 12 kilometer lang en een van de weinige gletsjers in het land die door hevige sneeuwval aan de top nog groeit, ondanks het feit dat de voet van de gletsjer 10.000 jaar geleden nog tot de 19 kilometer verderop gelegen Tasman Sea reikte. De dag na aankomst in Franz Josef werd ik 's ochtends verwacht voor mijn guided glacier hike; een 8 uur durende trip (met 6 uur ijstijd) op de Franz Josef gletsjer, onder leiding van een gids. Zelf de gletsjer op is ook absoluut verboden en zeer gevaarlijk.
Deze trip begon in een regenwoud en 30 minuten later stond ik aan de voet van de gletsjer. Echt een enorm contrast uiteraard en ook wel een verrassing. Maar deze verrassing werd al snel genoeg weggegeven...
Het was ongelooflijk zeikweer, maar het maakte me niet veel uit, het was alleen jammer dat het uitzicht niet optimaal was. Toch klaarde het af en toe op en kon je de vallei inkijken. Het zicht naar boven, waar met mooi weer Mount Cook erg goed te zien is, blijf echter zeer beperkt. We waren ontzettend goed ingepakt, de prijs die ik betaald had was ook inclusief uitrusting in de vorm van schoenen (met speciale onderbinders toen we op het ijs aankwamen), muts en handschoenen en een heel dikke regenjas en -broek. Echt koud heb ik het niet gehad, al werd het na 8 uur wel aardig onprettig. Het eerste deel van de gletsjer is bedekt met stenen, de crampons of onderbinders werden pas ondergebonden toen we het stenen gedeelte achter ons lieten en we op het punt stonden het ijs te betreden. Het was even wennen om op ijs te lopen, het is onnatuurlijk op jezelf op een gewone manier voort te bewegen. Je gaat namelijk al snel anders lopen, maar met de crampons onder is dit absoluut niet nodig en het wende al snel op een gewone manier te lopen en te klimmen.
Het was een erg mooie en onwerkelijke trip, die me door ijstunnels, door nauwe gangen en spleten en over scheuren bracht. Daarnaast was het onder hoge druk ontstane blauwe ijs mooie en vreemd om te zien. Doordat het ontzettend nat was heb ik echter mijn camera niet meegenomen bepaalde tunnels in, dan had ik deze zeker weten op het oud vuil kunnen gooien. Maar goed, maar er maar een voorstelling van. Het enige, grote nadeel aan de trip was het lange wachten om de 5 minuten. Doordat de gletsjer zoveel en zo snel in beweging is, moeten de gidsen eerder uitgehakte paden of traptreden telkens weer opnieuw uithakken of bijschaven. Dit snap ik helemaal en is compleet voor onze eigen veiligheid, maar een aantal keer had ik ook het idee dat de gids (op een vlak stuk!) maar een beetje aan het hakken was om het hakken. Dat werd na 8 uur best vervelend, maar dit en het weer heeft de algemene indruk van de trip toch niet kunnen beïnvloeden, dat zo ook stom zijn. Eenmaal in het hostel aangekomen kon ik dus op een aparte trip terugkijken. Het weer had daarnaast ook wel een positieve invloed, telkens wanneer het weer enorm hard begon te regenen (de gletsjer kent meer dan 290 dagen met regen per jaar, dus geen wonder), ontstonden er overal op de rotsen watervallen. Ook mooi toch. Je kunt van alles plannen, maar als andere plannen (moeder aarde deze keer) voorgaan, dan moet je dat maar voor lief nemen hè...
De volgende dag ben ik naar Wanaka vertrokken. Helaas was het nog steeds ongelooflijk slecht weer, waardoor de weerspiegeling van Mount Cook in Lake Murchinson, een van de meeste bekende postcard pictures uit Nieuw Zeeland, niet helemaal uitkwam. Sterker nog, niks van te zien. Gelukkig was het nog even in de bus zitten en in de stromende, hozende regen heb ik me ingecheckt in mijn hostel in Wanaka. Het slechte weer werd weer door een activiteit opgevangen. Wanaka is namelijk wereldberoemd in Nieuw Zeeland (...) om haar Paradiso Cinema; een alternatieve en traditionele bioscoop met 1 zaal, die in plaats van op stoelen haar gasten op sofa's plaats laat plaatsnemen. Er staat daarnaast een auto in de zaal, dus 4 gasten hadden een soort van drive-in ervaring. De bios kent ook nog een pauze halverwege, maar deze is niet zomaar. De reden is dat de vers gebakken koekjes en brownies, door gasten voor de film besteld, dan namelijk klaar zijn. Ik had deze bios als tip gekregen en het was echt een grappig ding. De tweede tip, het versgebakken chocoladekoekje, waarvan de lucht de zaal inkwam zetten toen de deuren halverwege werden opengegooid, was zoals ik me al had laten vertellen ook erg lekker. Een goede invulling van een regenachtige avond. De film die draaide, The Fighter, was daarnaast ook nog eens interessant en goed. Ik houd niet echt van boksen, maar ik kan iedereen wel aanraden de film te gaan kijken. Als je dan maar niet de bios uitloopt en het over de film hebt en begint met het dreigement: "nu vertellen, anders ga ik je slaan..."
De laatste dag in Wanaka was het erg mooi weer. Na een wasbeurt ben ik maar even gaan lopen langs het erg mooi gelegen Lake Wanaka. Hier heb ik een oude hobby, scheren met steentjes, weer opgepakt. Niet dus, maar het maakt wel een leuke foto.
Groetjes!


Comments
Tim, je hebt gewoon WEER een foto met een mooi strand erop gezet ;) Gelukkig deze keer wel tegenhangers met die gletsjerfoto's.. Ben benieuwd naar de avonturen in Azië!!
Mooie ervaring Tim, inderdaad hele andere foto's met slecht weer, maar zeker niet minder mooi, ga je bij je volgende reizen bergen beklimmen of was dit een eenmalige ervaring?